Monthly Archive for January, 2010

Boze droom

Lang geleden reisde ik door Mexico en kwam daar Salvador tegen. Restaurateur in het museum van Queretaro. Mooie jongen, niet al te macho. We trokken een tijdje samen op. Het had natuurlijk zomaar kunnen gebeuren: verliefd worden op die schat van een Salvador. Trouwen, daar blijven. Vannacht droomde ik dat het zo was gegaan. We woonden met onze kinderschaar in een klein huisje in Queretaro en ik werkte als freelancer voor kranten en bladen in Nederland. Met mijn Spaans zat het wel goed, tenslotte sprak Salvador niks anders, dus ik moest wel. Binnen mum van tijd was ik ingeburgerd.

Maar na een jaar of vijftien kwam er een brief van de gemeente. Ik had weliswaar de Mexicaanse nationaliteit aangenomen, maar ik kwam toch oorspronkelijk elders vandaan en ze wilden zeker weten dat ik zou ‘meedoen’ in de maatschappij. Daarom moest ik op cursus. Vijf dagdelen in de week, af te sluiten met een heus examen.

Met tegenzin –ik had wel wat anders te doen-, maar ook nieuwsgierig begaf ik mij naar de eerste les. In een klein, benauwd klaslokaal stonden zes aftandse computers waarop wij konden oefenen. Met wat eigenlijk? Langzaam druppelden de cursisten binnen. Voornamelijk vrouwen uit Europa, tussen de twintig en de zestig. Mooi, kon ik m’n Engels bijhouden in de pauze. De docent was een traditioneel type schoolmeester. Hij dacht ons beslist niet slechte Spaans op te vijzelen door ons hardop te laten voorlezen en simpele grammaticaoefeningen te geven. We leken wel kleine kinderen.

Een volgende les moesten we werken aan een portfolio. Ik moest bewijzen dat ik de weg wist in de Mexicaanse bureaucratie. Dus: fake-briefjes verzamelen van instellingen en bedrijven. ‘Ik doe aangifte van de geboorte van mijn kind’ en ‘ik schrijf me in bij het uitzendbureau’. De jonge docente bladerde hautain door onze mappen met bewijsmateriaal, verbeterde wat komma’s en punten, en maande ons tot spoed.

Pff, vernederend! Ik deed al vijftien jaar niets anders dan bewijzen dat ik mij hier kon redden! Nu moest ik naar het plaatselijke politiebureau, zeggen dat ik aangifte-maar-niet-heus kwam doen van diefstal van mijn fiets. De dienstdoende agent, een vriend van de buren, lachte me minzaam toe. ‘Jaja, inburgeren hè. Dat werd tijd!’

Ik schrok wakker uit de boze droom. Ik woon niet in Mexico, en als dat wel zo was had ik vast niet zo’n nare cursus hoeven volgen. In Mexico zijn de mensen zo gastvrij, dat je vanzelf ingeburgerd raakt.

Maar eh… help! Ik ben wel docent bij een inburgeringscursus. Wat zullen m’n cursisten wel niet van me denken?